Kyotoprotocol
Door de toenemende uitstoot van broeikasgassen zoals koolstofdioxide, methaan en lachgas is het klimaat op aarde aan het veranderen. De voorspellingen van de internationale wetenschappers zijn zorgwekkend. Zo zal de temperatuur wereldwijd tegen het eind van de eeuw gemiddeld 1,4°C tot 5,8°C hoger liggen dan vandaag. Hierdoor zal de zeespiegel stijgen en zullen de algemene weersomstandigheden sterk veranderen. Ecosystemen, landbouw en watervoorziening zullen sterk onder druk staan.
Om hieraan te verhelpen werd in 1997 het Kyotoprotocol aangenomen. Dit kent geďndustrialiseerde landen een hoeveelheid uitstootrechten voor broeikasgassen (een “emissieplafond”) toe in de periode 2008-2012. Zo moet België zijn uitstoot van broeikasgassen in de periode 2008-2012 gemiddeld met 7,5% terugschroeven ten opzichte van de uitstoot in 1990.
Het Kyotoprotocol streeft ernaar dat landen hun uitstoot van broeikasgassen door intern beleid en maatregelen (zoals de productie van groene stroom, het opleggen van isolatienormen voor woningen, de promotie van het openbaar vervoer,…) zouden doen dalen.
Daarnaast voorzag het Protocol ook drie flexibiliteitsmechanismen, die de landen moeten toelaten hun reductiedoelstelling op een economisch efficiëntere manier te realiseren :
- de emissiehandel
- gemeenschappelijke uitvoering (‘Joint Implementation’ - JI): daarbij investeert een land in projecten voor emissievermindering in een ander industrieland, in ruil voor bijkomende emissiekredieten
- het mechanisme voor schone ontwikkeling (Clean Development Mechanism – CDM): investeringen in een project voor emissievermindering in een ontwikkelingsland genereren eveneens bijkomende emissiekredieten voor het donorland